Profielen van grondverzetbanden

Grondverzetbanden (OTR – off the road) is de verzamelnaam voor banden voor grootschalige machines. Deze worden veelal gebruikt in de constructie- en wegenbouw en mijnbouw. Daar waar verharde wegen nauwelijks tot niet aanwezig zijn. Die omstandigheden vragen extra veel van de weerstand, grip en slijtvastheid. Ook de profieldiepte is daarbij van belang en kan apart gekozen worden (afhankelijk van het inzetgebied).

Afgestemd op het inzetgebied zijn verschillende profielen leverbaar. Die profielen zijn ontworpen met het oog op de gewenste tractie (grip), geschiktheid voor het terrein (‘flotation’), weerstand tegen beschadigingen en insnijdingen, hittebestendigheid en slijtage. Er zijn vijf basisprofielen voor grondverzetbanden.

Eigenlijk bepalen én het type machine én de aard van het werk en de toestand van het terrein welke band gekozen moet worden. Met formules zijn levensduur – ton-mile-per-hour – en inzetbaarheid – ‘work capability’ - bij benadering te berekenen. Maar met de verkeerde bandenkeuze verloopt de klus niet soepel, kost het onnodig geld en kan het ook gevaarlijk zijn.

Rockprofiel

Banden met dit profiel worden ingezet in rotsachtige omgeving, waar extra weerstand tegen beschadigingen en insnijdingen nodig is. De band heeft een groot contactoppervlak, dat een grote slijtvastheid heeft.
Bij dit type grondverzetband zijn de S-vormige (zigzag) profielrijen en –groeven kenmerkend. Deze gaan van links naar rechts over de band, dus als het ware haaks op de rijrichting.

Dit profieltype, dat niet-richtinggebonden is, heeft een variant die extra contactoppervlak heeft: het gekoppelde rotsprofiel. Hierbij zijn de S-vormige profielrijen op de hartlijn van de band met elkaar verbonden. Daardoor is dit type robuuster en kent minder slijtage. Algemeen zijn beide varianten het meest populaire profiel bij grondverzetbanden.

Profieldikte / Profieldiepte
Volgens internationale richtlijnen van de TRA zijn er 3 algemene classificaties voor de profieldikte of –diepte. Dat zijn: gewoon profiel (‘regular’), diep profiel (‘deep’) en extra diep profiel (‘extra deep’).
De dikte van het profiel is bij een diep profiel gemiddeld 1,5 maal en bij een extra diep profiel 2,5 maal dikker dan bij een gewoon profiel; die laatste geeft dus de standaard aan. Hoe dikker het profiel, hoe beter het bestand is tegen insnijdingen en beschadigingen en hoe groter de slijtvastheid (duurzaamheid) is.
Overzicht van de mogelijkheden:

  • Extra diep profiel : L-5, L-5S
  • Diep profiel : E-4, L-4, L-4S
  • Standaard profiel : E-2, E-3, G-2, G-3, L-2, L-3

Tractieprofiel

Een grondverzetband met het tractieprofiel is altijd een richtinggebonden band. Bij de montage is het dus belangrijk te letten op de montage op het wiel respectievelijk de wielen. Dankzij de profielopbouw is de tractie van deze band zeer goed.

Blokprofiel

De grondverzetband met een blokprofiel kenmerkt zich algemeen door een verhoudingsgewijs grote profielbreedte en door ronde(re) schouders van de band. Dat geldt dan afgezet tegen de andere typen grondverzetbanden die op de markt zijn.
Het voordeel van de blokprofiel-band is dat door de ofwel gelijkmatig verdeelde ofwel in rijen geplaatste blokken een relatief groot contactvlak opleveren. Als er zware ladingen vervoerd moeten worden, is toch de druk op de grond relatief laag en blijven de flotatiekwaliteiten in tact.
Deze band is erg geschikt om te gebruiken op zachte, modderige grond.

Profielloos (slick)

Een profielloze band heeft, zoals de naam al aangeeft, geen groeven, inkepingen en dergelijke. Dat wil zeggen, afgezien van twee smalle groeven op de schouder die als slijtage-indicator dienen. Dit type band heeft maximale weerstand tegen slijtage en insnijdingen. Wordt vaak ingezet in de wegenbouw bij het egaliseren en/of afvlakken van de ondergrond en walsen van wegen. Ook op wielladers in de mijnbouw worden ze wel gebruikt; juist vanwege de hoge weerstand tegen beschadiging en de grote slijtvastheid.